Zien door het oog van het lichaam

Bijgewerkt: feb 25


Miniaturen hadden in de middeleeuwen een tweeledig doel: het illustreren én het verfraaien van de teksten. Zeker voor hen die niet konden lezen, in de middeleeuwen de meerderheid van de mensen, was het beeld van groot belang. De augustijner kanunnik Hugo de Fouilloy (12de eeuw) schreef dat het verstand van de "eenvoudigen" in elk geval door het oog van het lichaam zal zien wat hij niet kan grijpen met het oog van de intelligentie. Niet geschoold zijn en niet kunnen lezen werd dus gelijkgesteld met gebrek aan intelligentie. Gelukkig waren er ook denkers als pseudo-Bonaventura die als doel stelden om met de illustraties mensen het gevoel te geven dat zij erbij aanwezig waren; alsof de dingen gebeurden in aanwezigheid van hen die de afbeeldingen bekeken.


Het is een misverstand om miniaturen in verband te brengen met het formaat van de illustratie. De term 'miniatuur' is afgeleid van het Latijnse minium (cf. het woord menie, rode verf). Aanvankelijk werd het woord miniatura bij de Romeinen gebruikt voor de in rood uitgevoerde gedeelten die tekst moesten structureren. Later werd de betekenis gebruikt voor alles wat bijdroeg ter verduidelijking, versiering of illustratie van de geschriften. Het heeft dus niets te maken met het vermeende kleine formaat zoals dat vanaf de 16de eeuw steeds gebruikelijker werd toen men 'portretminiaturen' ging maken. Een synoniem van het woord 'miniatuur' zoals de middeleeuwse mensen het gebruiken, is 'verluchtiging'. In het Middelnederlands spreekt men dan over het "verlichten" (illuminare in het Latijn). Het gebruik van goud en zilver bij de miniaturen heeft daar zeker toe bijgedragen.


Het formaat en de graad van versiering van de miniatuur stemt overeen met de systemen in de retorica. Door de wijze van schrijven en spreken werden verschillende 'stijlen' ontwikkeld omwille van het belang van de inhoud en van de klemtonen die men wilde leggen. Zo werd de stylus grandis of sublimis (de grote of sublieme stijl) voorzien van een bontgekleurde en met goud opgesmukte illustratie. Als er minder kleur en waardevolle materialen werden gebruikt, verkeerde men in een stylus moderatus (gematigde stijl). Bij eenvoudige tekeningen is er sprake van de stylus humilis (nederige stijl).


Men was zich bewust dat de impact van de afbeelding meer effect sorteerde dan het woord. Zo hadden vele afbeeldingen de bedoeling om de kijker tot bezinning en contemplatieve verdieping te bewegen. Maurits Smeyers stelt in zijn boek 'Vlaamse miniaturen' dat de illustraties mediteerbaar zijn. De afbeelding werd in verband gebracht met de heilsgeschiedenis, het morele leven en de eindbestemming van de toeschouwer. Het zijn dezelfde "technieken" als die men gebruikt heeft bij de prachtige glas-in-lood-ramen van de kathedraal van Chartres. Hierbij moet wel opgemerkt worden dat de ramen in de kathedraal gemakkelijker voor grote groepen mensen te zien waren dan de miniaturen in boeken.

Slechts een kleine groep mensen kon zich in die tijd boeken veroorloven. Bovendien waren er niet veel boeken in omloop. Als we nu op een tentoonstelling in een museum al die verzamelde boeken zien, willen we dat aspect wel eens uit het oog verliezen. Wij realiseren ons naar mijn mening niet vaak genoeg dat wij ons gelukkig mogen prijzen dat wij anno 2019 op deze plek van de aardbol leven.

0 keer bekeken

Amarantstraat 56, 5044 RL Tilburg

© 2020 by Paul van Gulick.